Zes jaar na de coronapandemie is telewerken in Frankrijk niet meer weg te denken. Ongeveer 38% van de werkende Fransen werkt in 2026 regelmatig op afstand, tegenover amper 7% voor de pandemie. Het hybride model van twee tot drie dagen thuiswerk per week is de standaard geworden in de meeste dienstverlenende sectoren. Maar achter die schijnbare stabiliteit speelt zich een dubbel gevecht af.
Werkgevers trekken de teugels aan
Terwijl Amerikaanse techgiganten als Amazon, Tesla en Google hun medewerkers massaal terug naar kantoor sturen, kiezen Franse bedrijven voor een gematigder pad. Grote namen als Publicis, BNP Paribas en Société Générale behouden het hybride model, maar structureren het strakker. Sommige bedrijven verbieden opeenvolgende telewerkdagen. Andere hebben het aantal telewerkdagen teruggebracht van acht naar zes per maand.
Toch blijft de situatie overwegend stabiel. Volgens een studie van de Apec uit december 2025 heeft 89% van de bedrijven zijn telewerkbeleid in 2025 niet gewijzigd. En 94% geeft aan dat ook in 2026 niet te gaan doen. De aanpassingen zitten eerder in de organisatie, niet in het volume. Bijna de helft van de kadermedewerkers verwacht dat hun bedrijf de regels rond telewerk gaat herzien, zonder het aantal dagen te verminderen.
De energiecrisis als onverwachte bondgenoot
De oorlog in het Midden-Oosten en de afsluiting van de Straat van Hormuz hebben in het voorjaar van 2026 een nieuwe energiecrisis veroorzaakt. De Europese Commissie werkt sindsdien aan maatregelen om het energieverbruik terug te dringen, waaronder een voorstel om bedrijven te verplichten minstens één dag telewerk per week aan te bieden. Het Internationaal Energieagentschap heeft telewerk opgenomen in zijn lijst van aanbevelingen tegen de crisis.
Dit creëert een interessante spanning. Dezelfde bedrijven die hun medewerkers vaker op kantoor willen zien, worden nu gevraagd om telewerk juist te stimuleren. Critici wijzen er bovendien op dat verplicht telewerk de energiekosten simpelweg verschuift van werkgever naar werknemer.
De dinsdag-donderdag-economie
Of het nu vanuit het bedrijf of vanuit de werknemer komt, het resultaat is overal hetzelfde. Dinsdag en donderdag zijn de drukste kantoordagen in Frankrijk. Vrijdag is veruit de populairste thuiswerkdag, met bijna de helft van de telewerkers die dan thuis blijft. De SNCF meet een verschil van 18% in reizigers tussen dinsdag en vrijdag. Op de wegen is het verschil zo'n 16%.
Dit patroon heeft gevolgen. Bedrijven schakelen massaal over op flex-office, waarbij medewerkers geen vaste werkplek meer hebben maar een bureau reserveren. Kantoren worden op piekdagen overvol en op vrijdag leeg. De uitdaging voor bedrijven is om ook de rustige dagen aantrekkelijk te maken, met evenementen, trainingen of wellnessactiviteiten.
Telewerk als verworven recht
Voor werknemers is telewerken een verworven recht geworden. Meer dan de helft van de Franse werknemers zegt niet meer zonder te kunnen. Driekwart van de kadermedewerkers werkt minstens een halve dag per week thuis. En 45% van hen zou ontslag nemen als telewerken niet meer mogelijk was.
Juridisch wordt de situatie ook steeds duidelijker. Sinds januari 2026 bedraagt de forfaitaire telewerkvergoeding 2,70 euro per dag. En een arrest van de Cour de cassation uit maart 2025 heeft vastgelegd dat het gebruik van de eigen woning voor werk een inbreuk op het privéleven is, waardoor een vergoeding bijna automatisch verschuldigd is.
De vraag in Frankrijk is in mei 2026 dan ook niet langer of telewerken blijft bestaan. Die discussie is voorbij. De vraag is hoe bedrijven het duurzaam inpassen in hun organisatie, in een context waar energie schaars is en talent nog schaarser.